Posman Lucien (1952)

Lucien Posman werd op 22 maart 1952 te Eeklo geboren. Zijn hogere muziekstudies deed hij aan de Koninklijke Conservatoria in Gent en Antwerpen. Te Gent behaalde hij eerste prijzen voor notenleer, harmonie, muziekgeschiedenis en compositie (klas R. Coryn), alsook het getuigschrift voor pedagogie notenleer (eerste en tweede cyclus). Te Antwerpen bekwam hij de eerste prijs voor contrapunt en fuga in de klas van Nini Bulterys. Hij studeerde ook muziekanalyse, piano en zang.
Posman is verbonden aan het Conservatorium Hogeschool Gent als voorzitter van de opleidingscommissie muziek en als docent compositie en vakdidactiek theorie. Hij is stichter en voorzitter van ComAV (Componisten Archipel Vlaanderen, een belangengroepering voor Vlaamse componisten).
Posman is medewerker van de vzw De Verenigde Cultuurfabrieken en concertzaal De Rode Pomp. Deze vzw werd door zijn broer André Posman opgericht in 1993 met als doel jonge musici speelkansen te geven en Belgische muziek te promoten. Dit gebeurt door organiseren van kamermuziekconcerten in De Rode Pomp, het uitgeven en gratis verspreiden van de Nieuwe Vlaamse Muziekrevue, het geven van compositieopdrachten, het organiseren van een jaarlijks Belgische componistenfestival, het organiseren van kleine festivals of concerten met Vlaamse muziek in het buitenland (Sint Petersburg, New York, Bratislava, New York, Edmonton e.a.).
Zijn composities werden o.a. opgevoerd tijdens de Week van de Hedendaagse Muziek te Gent, de Belgisch-Nederlandse Muziekdagen te Maastricht, Muzicii Contemporane Belgiene te Boekarest, Ars Musica, op het Festival van Vlaanderen, het Festival Musica Nova te São Paulo, Belgian Chocolats, Moscow Autumn, international contemporary music festival e.a. Verschillende composities zijn op cd opgenomen. Onder andere RTBF, VRT Radio 3 (nu Klara), Radio Moskou, de Nederlandse, de Braziliaanse (Sao Paulo), Hongaarse en de Roemeense radio wijdden uitzendingen aan Lucien Posman en zijn muziek.
Voor zijn liedcyclus Songs of Experience - vijf liederen op gedichten van William Blake voor middenstem en piano kreeg Lucien Posman in 1988 de Muizelhuisprijs voor Kamermuziek. In 1993 won hij de Prijs van de Gentenaar voor de organisatie van het Buckinx festival tijdens de Gentse Feesten. In 2002 deelde hij in de Fuga Trofee, uitgereikt door de Unie van Belgische componisten aan De Rode Pomp voor haar verdiensten ten aanzien van het Belgische muziekleven.

Werkbespreking

Lucien Posmans oeuvre omvat een zestigtal werken, waaronder een symfonie, een opera, kamermuziek voor diverse bezettingen en een relatief groot aantal vocale werken, vooral op teksten van William Blake.

Posmans Blake-werken vormen het belangrijkste deel van zijn oeuvre. Zij omvatten zes cantates, zes koorliederen en 25 Songs of Experience. Deze laatste werden getoonzet als koor- of sololiederen. Dit deed Posman in vier bundels Songs of Experience, de eerste gecomponeerd in 1988, de laatste in 1996. Het symbolische van Blake’s filosofische teksten wordt muzikaal weergegeven d.m.v. een beperkt aantal ideeën die consequent worden volgehouden. De spanningscurve van de - direct aansprekende – muziek omschrijft hijzelf als "neonormaal-retorisch".

Lucien Posmans postmodernistische opera Hercules Haché, the adventure of a professor! (1991) kende een groot succes bij zijn uitvoering tijdens de Week van de Hedendaagse Muziek 1992 te Gent. Het libretto van André Posman handelt over de heroïsche zoektocht van een "verhakkeld" bewustzijn naar een vorm van evenwicht.
Dit wordt in verschillende verhaallagen naar voren gebracht. Ter karakterisering van personages worden bepaalde stijlen gehanteerd. Een aan een bepaald personage gekoppelde stijl kan evolueren binnen deze gebondenheid indien het personage psychisch evolueert. Posman refereert aan de meest uiteenlopende stijlen, van klassieke tot elektronische muziek. Zo is de aan het hoofdpersonage Hercules gekoppelde stijl in het begin expressionistisch, later evolueert deze in de richting van de stijl van de reddende engel-meid Theodora. De stijl van deze engel is licht modaal, beweeglijk en transparant, opgebouwd volgens sets van drieklankformaties.
Het is hier dat Lucien Posman zijn eigen typische stijl ontwikkelt, die verder uitbouwt in werken zoals De Laatste Hooivracht, Geen Noodt, Sapperloodt en Symfonie een en andere werken tot 1999.

Buitenmuzikale verwijzingen zijn ook aanwezig in Posmans Symfonie één uit 1996 en De Pauw (2001). Van de vijf doorlopende deeltjes van Symfonie een zijn de hoekdelen nerveus – bucolisch van karakter; het tweede deel heeft een stasis- karakter waarboven de vogelroepen evolueren, bij deel vier refereren de constante triller in de fluitpartij aan de zagharied, het glottaal rouwgegil van Arabische vrouwen.
Het trage middendeel is opgehangen aan een gefloten nostalgische cantilene. De Pauw, een nonet uit 2001, werd gecomponeerd in het kader van een uitbreiding van Carnaval des animaux. Opvallend is het sterk picturale karakter van het werk dat de voorbereiding verklankt van de pauwendans, de pauwendans zelf en de afloop ervan.
De herhaalde pauwenroep spreekt sterk tot de verbeelding van kinderen.

Typisch in Lucien Posmans werken, uitgezonderd die uit de laatste twee jaren, is dat de micro- en macrostructuren bepaald worden door mathematische reeksen (Fibonaccireeksen). Deze worden aangewend in functie van het melodische, harmonische en dynamische verloop en van het kleurgebruik. In latere werken is meer plaats voor het spontane en het onberekende.
De instrumentatie is zeer kleurrijk. De courantste nieuwe speeltechnieken worden aangewend. Toch wordt de kleur nooit een doel op zich.
Wat de harmonie betreft, streeft Lucien Posman enerzijds naar "stuurbaarheid", naar voortgang in de muziek, anderzijds komen ook vaak harmonische stilstandpunten voor. In de vroege werken worden de akkoorden, geput uit het vierde octaaf van de boventoonreeks, vrij dissonerend gezet. De harmonie genereert dan vaak expressieve melodieën met een grote ambitus. In de latere composities is de harmonie gebaseerd op sets van drieklanken, die vrij of georganiseerd verbonden en boven mekaar gezet worden. Hier wordt een mildere zetting nagestreefd. De uit de harmonie voortkomende melodieën zijn verfijnder, zeer beheerst en onvoorspelbaar.
Vanaf 1999 maakt de componist voor de toonorganisatie gebruik van de Toonklok van Peter Schat (een compositiesysteem waarin muzikale relaties tussen tonen op een niet-hiërarchische basis centraal staan, resulterend in een tonale muziek die evenwel ‘atonicaal’ is).
Het ritme is enerzijds vaak geënt op de waarneembare puls. Het is dan doorgaans beweeglijk en nerveus. Anderzijds is de ritmiek vaak zwevend: het samenvallen van metrum en ritme wordt vermeden. Daarnaast maakt Posman gebruik van gecombineerde ritmische ostinaten, polymetriek en kruisritmiek. In vroege werken wordt het ritme uit rekenkundige reeksen afgeleid.

Tot zijn omvangrijkste vocale werken sinds 2000 behoren enkele cantates op Blaketeksten zoals The Book of Los en The Book of Thel.
The Book of Los voor sopraan, koor, fluit en piano (2000), handelt over de schepping van de elementen ontstaan uit tweestrijd tussen de rede en de verbeelding. Dit is een van Posmans meest uitgebalanceerde Toonklok- stukken waarin hij het broze evenwicht aftast tussen volmaakte consonantie en schrille dissonantie.
The Book of Thel voor zang en klein instrumentaal ensemble (2001), is een cantate die de frustratie bezingt van een ongeboren ziel en haar confrontatie met het aardse bestaan. Parallel met de tekstinhoud hanteert Posman hierin ook een brede gamma van expressiemogelijkheden waartoe zowel de volmaakte drieklank als kwarttonen behoren.

For Gilberto Mendes (2002) is een sextet gecomponeerd voor de tachtigste verjaardag van de deze Braziliaanse componist. Het is Posmans uitbundigste werk waar toonmateriaal en ritmiek sterk verbonden zijn met de naam van de componist en zijn leefsfeer.
In Bicellium, voor 2 celli (2003) vertrekt Posman van het Arabisch ritmisch-metrisch patroon (of wazn) murassa‘shami (de grillige uit Syrië); dit bestaat uit 19/8 in een vast patroon van zwaar en licht betoonde tellen of teldelen (dum-tèk) binnen 4 maten, respectievelijk in 4/8, 5/8, 4/8 en 6/8. Op één plaats in de compositie wordt dit patroon doorbroken doordat hij de tweede 4/8 maat uitbreidt tot eerst 2, 3, 5 en dan 8 maten (cfr. Fibonacci). Op harmonisch vlak wordt in hoofdzaak gewerkt met het derde uur van de Toonklok waarvan de centrale drieklank gevormd wordt uit een kleine secunde een kleine terts, driemaal getransponeerd binnen de chromatische toonladder. Doorheen de compositie wordt het toonmateriaal uitgebreider, en is er een intensivering van het ritme. De verschillende speelwijzen en de uitwisseling van het materiaal tussen de stemmen neemt een belangrijke structurele positie in.
Een vergelijkbaar werk op vlak van ostinaatgebruik en materiaalbehandeling is Nocturne voor altfluit en strijkkwartet. Het nocturnale dient hier opgevat in de actiefste zin van het woord.
Als sluitstuk van Songs of Experience componeert Posman in 2003 The Tyger (tekst:W.Blake) voor 2 sopranen, clavecimbel en gemengd koor. Het is een spitant werk dat eerder spot dan angst uitdrukt voor de tijger. De zetting bevat prettige verwijzingen naar bepaalde ritmische eigenaardigheden van Monteverdi.
Een zeldzaam non-Blake werk is An die Parzen uit 2003 voor koor en piano op tekst van Hölderlin; het is gericht aan de schikgodinnen en is opgevat als een ingetogen in memoriam. Ten slotte vermelden we nog Le Conte de L’Etude Modeste voor piano (2000), een - voor kenners – dolkomische geactualiseerde en virtuoze versie van Moessorgski ’s Schilderijententoonstelling waarin de zwarte taxichauffeur Bydlo een speedy rondleiding geeft aan Modeste, een opstandige pianostudie, die ontsnapt is uit de bib.

Werklijst

- Orkest: Symfonie een (1996)
- Kamermuziek: 22 voor cello solo (1984); Gamaka voor klarinet solo (1985); Trio voor viool, cello en piano (1986); Marsyas' Zwanezang op sax voor saxofoon solo (1988); De laatste hooivracht voor fluit, basklarinet, slagwerk, piano, viool, altviool en cello (1994); Geen noodt, sapperloodt voor dwarsfluit en strijkkwartet (1997); O ! Zon voor strijkkwartet (1997); Blaaskwintet voor fluit, hobo, klarinet, hoorn en fagot (1998); Erik, Gustav, Maurits, Arnold, Scott, Igor, Charles, Claude en De Dwaze Maagd voor 2 hobo's, 2 klarinetten, 2 fagotten, 2 hoorns en contrafagot (1999); De Pauw voor fluit, klarinet, xylofoon, strijkwartet en 2 piano’s (2001); Nocturne voor altfluit en strijkkwartet (2003); Bicellium voor 2 celli (2004)
- Piano: 12 dodecafonische schietgebeden ingeleid door improvisaties op antiek Armeens cymbaal (1984); Oeioeioeioeioei (1986); Le Conte de l'Etude Modeste (2000)
- Koor: Five songs of Experience op tekst van William Blake (1988); 10 Songs of Experience op tekst van William Blake (1996); To Morning op tekst van William Blake (2000); To the Evening Star op tekst van William Blake (2000); An die Parzen voor gemengd koor en piano op tekst van Hölderlin(2003); Au Commencement voor gemengd koor (2004)
- Liederen: 5 Songs of Experience voor middenstem en piano (en getransponeerde versie voor sopraan) (1986); Five Songs of Experience voor hoge stem, hobo en piano op tekst van William Blake (1988); ...een gevoel van raam voor mezzosopraan en piano op tekst van Hubert Courtens (1999); Love by fortune sent voor hoge stem en strijkorkest (of piano of fluit, klarinet, marimba,viool, altvioolcello en piano) (2003); What then voor stem, koor en piano
- Kameropera: Hercules Haché, the adventure of a professor! op tekst van André Posman (1991)
- Grotere instrumentaal-vocale werken: concerto-cantate Wheel within Wheel voor sopraan, trombonesolo en kamerorkest op tekst van W.Blake(1987); The Elephant voor sopraan, vrouwenkoor, mannenkoor en piano op tekst van Hans Van Heirseele (1994); kerstcantate "Welcome Stranger to this place" voor sopraan, mezzosopraan, tenor, gemengd koor, 2 fluiten, 2 hobo's, 2 fagotten en vierhandig piano op tekst van W.Blake (1999); The Book of Los voor sopraan, dwarsfluit, piano en gemengd koor op tekst van W. Blake (2000); The Mental Traveller voor sopraan en blokfluittrio (of fluit, klarinet, marimba,viool, altvioolcello en piano) op tekst van W.Blake (2002The Tyger voor 2 sopranen, gemengd koor en clavecimbel op tekst van William Blake (2003)

Bibliografie

- B. ANGELET, Vlaanderen leeft in Hedendaagse Muziek. Buckinx, Nuyts en Posman, in Arcade, 2/2, 1988, p. 10-15
- M. ANSEEUW, Tussen wens en werkelijkheid. Lief en leed van 10 jonge komponisten in Vlaanderen, in Tijdschrift van De Nieuwe Muziekgroep, 10, september 1986, p. 25-37
- D. BLOCKEEL, Lucien Posman. Van een tovenaar die wielen deed draaien en hoe hij verder denkt te zullen rijden, in Ambrozijn, 10/2, 1992-1993, p. 19-33
- B. BUCKINX, De Kleine Pomo of de Muziekgeschiedenis van het Postmodernisme, Peer, 1994, p. 21
- A. BUFFEL, ... ontmoet de componist Lucien Posman, in Vlaams Fluitistentijdschrift, 5/4, juni 1998, p. 15-18
- Y. KNOCKAERT, art. Lucien Posman, in M. DELAERE, Y. KNOCKAERT en H. SABBE, Nieuwe Muziek in Vlaanderen, Brugge, 1998, p. 151-154
- M. DE SMET, Kagel en Posman in Gent, in Muziek, een privilege, 1/6, februari 1992, p. 26
- M. DE SMET, Lucien Posman. 5 songs of Experience, in Tijdschrift van De Nieuwe Muziekgroep, 20, maart 1989, p. 48-51
- Y. KNOCKAERT, Het Postmodernisme in Vlaanderen, in Vlaanderen, 44/5, november-december 1995, p. 360-365
- Y. KNOCKAERT, Hilarische ernst. Vlaamse componisten (23). Lucien Posman, in Kunst & Cultuur, 27/12, december 1994, p. 44-45
- Y. KNOCKAERT, Le conte de l’Étude Modeste, in Contemporary Music in Flanders II. Flemish Piano Music since 1950, uitg. dr. M. DELAERE en J. COMPEERS, Leuven, 2005, p.33-34
- N. VERSCHOORE, Lettres de Flandre Lucien Posman , in La revue Générale, ed. Duculot Louvain-La-Neuve, jg 136 nr. 6; 2001, p. 82-84
- Y. SENDEN, Herdenkingsjaar 2002 Lucien Posman, in Even aanzoemen, 30/4-5, oktober 2002, p. 4-5
- S. CLAEYS, Een gelauwerde Lucien Posman, Kunsttijdschrift Vlaanderen, jg. 51, nr. 293, 2002, p. 244-246
 

Discografie

- Cantate The Book of Los, 10 Songs of Experience, To Morning, To The Eveningstar, LUCIEN POSMAN - SOME BLAKE WORKS (Goeyvaerts Consort o.l.v. M.M. De Smet; sopraan: Els Crommen; fluiten: Marc Legros; piano: Bart Meynkens) Cyprès 4616
- O!Zon, Songs of experience (2 cycli liederen), Symfonie een, LUCIEN POSMAN (Rimsky-Korsakov String Quartet, bariton: Mikhail Lukonin, piano: Yuri Serov, sopraan: Victoria Evtodieva, klarinet: Dmitry Makhovikov, St. Petersburg State Academic Capella Symphony o.l.v. Edward Serov), Gents Muzikaal Archief, 7, RP/GMA 002
- De Pauw, CARNAVAL DES ANIMAUX (Arco Baleno), Codaex CX 4003
- Le Conte de L’Etude Modeste, NEW BELGIAN ETUDES, (piano: Jose Martins) RP/GMA 044
- Geen noodt, Sapperloodt (Arco Baleno), IDENTITIES. 20TH CENTURY CHAMBER MUSIC FOR FLUTE AND STRING QUARTET, René Gailly CD87 169
- Serenata for 2OOO (Serenata Forlana), Edition Compusic EDCO 99-01
- Oeioeioeioeioei (piano: Iris De Blaere), IN FLANDERS' FIELD PRIZE WINNERS OF THE BIENNALE COMPOSITION CONTEST FOR CHAMBER MUSIC, C+P Muizelhuis-Projecten vzw, DDD WW-IG-09
- Guido Gezelle (1830-1899). Gij rookers, gij snuivers... (sopraan: Sylvie De Pauw, piano: Joost Vanmaele, voordracht: Chris Lomme, Rubio Strijkkwartet), Davidsfonds, Globe GLO 6047
- 10 Songs of Experience voor koor (Novecanto o.l.v. Katrijn Friant), PKP Producties PKP 012
- To Morning, To the Eveningstar, INTERNATIONALE KOORWEDSTRIJD VAN VLAANDEREN –MAASMECHELEN 2001, (1: Pro Musica, Hongarije o.l.v. Dénes Szabo, 1: Liepajas gemengd koor, Letland o.l.v. Andris Lekstoekis), IKV 2001
- De laatste hooivracht, BELGIAN CONTEMPORARY CHAMBER MUSIC (Spectra Ensemble o.l.v. Filip Rathé), René Gailly, Vox Temporis Productions CD 92 026
- Marsyas' zwanenzang op sax (sax: Hans De Jong, piano: Paul Hermsen), VINTAGE OF EUROPEAN SAXOPHONE MUSIC, volume 2/ Belgium, Cassa Nova Records, CNR 3011
- Pizziola & Pizziello, MINIATUREN VOOR ARCHIPEL, 25 VLAAMSE COMPONISTEN (altviool: Kris Matthynssens; cello: Pieter stas), ACCSN.01
 

Uitgever

CVM (Antwerpen)
Golden River Music (Mechelen)
P.J.Tonger Musikverlag (Köln)

Links

http://composers21.com/compdocs/posmanl.htm

Coordinates

Bijlokevest 39, 9000 Gent
tel (09) 223 87 50 - fax (09) 223 87 50
posman [dot] coussement [at] kynet [dot] be
lucien [dot] posman [at] hogent [dot] be


©2001 Klaartje Gonnissen, voor MATRIX
©2005 Klaas Coulembier, voor MATRIX (update)