Skip to content

HENDERICKX Wim (1962)

Wim Henderickx studeerde compositie en percussie aan het Conservatorium van Antwerpen. Hij nam deel aan masterclasses compositie in Darmstadt en studeerde sonologie aan het IRCAM in Parijs en aan het Conservatorium van Den Haag.

Henderickx doceert compositie aan de conservatoria van Antwerpen en Amsterdam en geeft jaarlijks de compositiestage SoundMine voor jongeren bij Musica in Neerpelt. Zijn oeuvre omvat kamermuziek, opera en orkestwerken, en kende succes in binnen- en buitenland. Met Mysterium voor tien houtblazers won Henderickx in 1993 de Internationale Compositieprijs Vlaanderen-Québec. In 2006 werd hij genomineerd voor de Vlaamse Cultuurprijzen en in 2008 mocht hij het plichtwerk voor de halve finales van de Koningin Elisabethwedstrijd voor zang componeren. In zijn geboortestad Lier ontving Henderickx in 2011 de Lifetime Achievement Cultuurprijs en sinds 2015 is Henderickx lid van de Koninklijke Vlaamse Academie van België voor Wetenschappen en Kunsten.

In 2000 componeerde Henderickx zijn eerste opera, Triumph of Spirit over Matter, in opdracht van Muziektheater Transparant. Sinds 1996 is Henderickx huiscomponist bij dit internationale productiehuis. Ook Void (2007), Medea (2011) en Revelations (2016) waren opdrachten van Transparant.

Henderickx’ eerste symfonie werd in 2011 gecreëerd door het Nationaal Orkest van België. In 2016 volgde Symphony No.2 (AQUARIUS’ DREAM), deze keer in opdracht van het Antwerp Symphony Orchestra, waar Henderickx tijdens het seizoen 2013-2014 artist-in-residence was. In 2016 bracht het Antwerp Symphony Orchestra vier van zijn orkestwerken uit op cd en ontving daarmee enthousiaste recensies van onder andere BBC Music Magazine en Gramophone. In samenwerking met choreograaf Sidi Larbi Cherkaoui, maakte Henderickx in 2017 de dansvoorstelling Requiem voor Opera Ballet Vlaanderen.

 

Werkbespreking

De muziek van Wim Henderickx vindt haar inspiratie vooral in buiten-europese culturen. Henderickx’ voorliefde voor het oosterse denken resulteerde al snel in een grote interesse voor de Indische muziek. Ook door Afrikaanse muziek is Henderickx gefascineerd. Zijn werken vormen geen loutere imitatie van zulke muziek. Henderickx houdt immers niet van het woord “multicultureel” en vindt bonte mengelingen van muziek uit verschillende culturen onder het mom van “multiculturalisme” eerder ongepast. Hij geeft dan ook de voorkeur aan de term “intercultureel”: “iedere cultuur moet haar eigen identiteit kunnen bewaren, zodat we op een respectvolle manier van elkaar kunnen leren”. Henderickx beseft zelf goed wat het betekent om zich als westerling van niet-westerse ideeën en klanken te bedienen. “Natuurlijk ben ik geen boeddhist en geen oosterling en kan ik die volledige diepte misschien niet ervaren,” vertelt Henderickx tijdens een interview met Yves Knockaert. Toch kunnen we ons volgens Henderickx verbonden voelen met niet-westerse muzikale praktijken: “[…] het zijn bepaalde universele ideeën en emoties die ons verbinden.” (Knockaert, 2005)

Je zou Henderickx in dit opzicht in verband kunnen brengen met (de late) György Ligeti. Ook op andere vlakken zijn er analogieën. Henderickx deelt Ligeti’s voorliefde voor subtiel verschuivende klankwolken en extreem ritmische passages van een mechanische precisie. Net als Ligeti bedient Henderickx zich af en toe van extra-muzikale ideeën als inspiratiebron (zoals bijvoorbeeld de triptiek Inferno van Bosch in Le Visione di Paura uit 1990 en The Seven Chakras uit 2004) en wijst hij graag op de invloed van andere westerse componisten op zijn werk, zonder dat ook hier sprake kan zijn van imitatie.

Als slagwerker werd Henderickx natuurlijk al vroeg aangetrokken door de muziek van Igor Stravinsky en Béla Bartok. Met Bartok heeft hij naast de zin voor ritmiek ook een voorliefde voor stringente constructies gemeen, die alleen maar versterkt werd door de confrontatie met het oeuvre van Iannis Xenakis. Hij bewondert ook Olivier Messiaen omwille van zijn extreem gedifferentieerd klankkleurpallet en zin voor meditatie. Voor Henderickx is muziek immers een middel om tot een westerse vorm van meditatie te komen.

De muziek van Jonathan Harvey heeft een bijzondere invloed. Henderickx deelt zijn fascinatie voor het boeddhisme met deze Britse componist en bewondert hoe Harvey er in slaagde om die fascinatie met zijn eigen christelijke achtergrond te verbinden. Met Blossomings (2016) voor gemengd koor, trompet en electronics schreef Henderickx een eerbetoon aan Harvey en zijn verbindend muzikaal denken. De compositie brengt drie gebeden uit drie verschillende culturen en hun respectievelijke klankwerelden samen.

In Crucifixus (2003) voor gemengd koor vertrekt Henderickx van het ‘Crucifixus’ uit de Selva Morale e Spirituale van Claudio Monteverdi en realiseert hij binnen de structuur en het ritmische verloop van deze compositie een esthetische evolutie van de taal van Monteverdi naar zijn eigen idioom. Naar het einde van deze compositie toe spelen niet-Westerse invloeden zoals zwevende kwarttoonoscillaties een belangrijke rol.

Henderickx is een virtuoos orkestrator met zin voor de meest subtiele timbrecombinaties. Als slagwerker maakt hij in zijn werken meestal gebruik van een uitgebreid percussie-arsenaal met vaak ongewone instrumenten. Denken we maar aan de diverse cymbalen, buisklokken, Japanse tempelklokken, Thai-gongs en roto-toms in Raga III, of de reusachtige slagwerk-sectie van Raga I, met de Japanse dobachi en hyoshigi, Indiase klokken, Pekinese gongs, vingercimbaaltjes en crotales, naast Afrikaanse trommen en Europese percussie instrumenten. De vorm van Henderickx’ composities is meestal eenvoudig en helder, en is vaak afgeleid uit een groeiprincipe.

Vanaf 1989-90 treffen we steeds meer oosterse invloeden aan in het werk van Henderickx. Verschillende elementen verwijzen naar de oosterse muziek: bijvoorbeeld in Raga III de Indiase melodische wendingen van de altviool, het gebruik van micro-intervallen en kwarttoontrillers, dat verwant is met de Indiase indeling van de toonladder in shruti. De Indische modi worden niet enkel horizontaal gebruikt maar ook verticaal voor de samenstelling van akkoorden, waardoor een grote eenheid ontstaat. In Om voor strijkkwartet wordt duidelijk verwezen naar de monotone boeddhistische gebedsformule doordat gebruik wordt gemaakt van het tooncentrum C#. Het klankbeeld blijft echter, ondanks de oosterse sfeer, door en door westers. De werken van Henderickx laten zich immers kenmerken door hun snelle muzikale evolutie in combinatie met een sterke ritmische houvast, eigen aan de westerse muziek. In verschillende werken maakt Henderickx ook gebruik van een seriële ordening van het muzikale materiaal, wat ook naar de westerse traditie verwijst.

In de opera Triumph of Spirit over Matter, op een libretto van Johan Thielemans, laat Henderickx het oriëntalisme achterwege. De opera stelt diepzinnige vragen verpakt in een luchtige allegorie. De “opera-buffa” bevat naast de komische component ook een behandeling van zwaarwichtiger thema’s, zoals de zoektocht naar zingeving, zuiverheid en schoonheid. In de muziek zorgen stuwende, ritmische motieven voor een voortdurende levendigheid. De ratelende, opzwepende percussie verraadt duidelijk Henderickx’ opleiding als percussionist en zijn voorliefde voor Stravinsky. Onmiddellijk valt ook de uiterst virtuoze orkestratie op, die ─ samen met de zeer herkenbare motieven en enkele jazzy- en popachtige passages ─ aan de opera een zekere “schwung” geeft. Ondanks het feit dat uiteenlopende sferen elkaar in de muziek razendsnel opvolgen, blijft de muziek steeds samenhangend klinken.

In zijn opera voor jongeren Achilleus (2001-2002), op een libretto van Imme Dros, combineert Henderickx muziek, theater, video en elektronica tot een volwaardig hedendaags werk, waarin hij niet toegeeft aan infantilisering en betuttelingen. Deze opera werd geschreven, in opdracht van Muziektheater Transparant, voor een bezetting van zeven stemmen, kinderkoor en instrumentaal ensemble. In de ouverture, de vier scènes en de finale volgen we het verhaal van de Illias en de Odyssea, met Achilleus in de hoofdrol. Zowel op inhoudelijk als op muzikaal vlak wordt deze compositie gedragen door tegenstellingen. Zo is er bijvoorbeeld de tweespalt tussen de mensen en de goden, tussen de Grieken en de Trojanen of tussen de chaos en de ordening. In de muziek vertalen deze tegenstrijdigheden zich in een directe schrijfwijze met veel afwisseling en duidelijke, losstaande muzikale sferen. Naast het gebruik van gespatialiseerde samples, die doorgaans een sfeerscheppende functie hebben (oorlogsgeluiden, zeegeruis), komen ook moderne speeltechnieken voor, zoals kwarttoonoscillaties bij de strijkers, en licht aleatorische passages bij de blazers. In schril contrast met deze hedendaagse esthetiek staan de enkele vervormde kinderliedjes (die wel nog duidelijk te herkennen zijn) die dan weer aansluiten bij meer herkenbare, tonale muziek. Het gebruik van een ruim slagwerkarsenaal en een synthesizer, met geluiden zoals toy-piano, klavecimbel en honky-tonk, zorgt voor een kleurrijke orkestratie met oog voor detail en zin voor humor. ‘Leitmotieven’ worden gekoppeld aan personages of aan emoties en fungeren als herkenningspunten. Zo blijft deze opera een coherente compositie.

In Requiem staat tegenstelling, maar ook versmelting centraal. Henderickx componeerde dit werk in 2016, in het kader van de productie EAST. Opera Ballet Vlaanderen nodigde voor deze productie drie choreografen uit, die zich met hun artistieke taal op het kruispunt tussen Oost en West bevinden. Eén van die choreografen is Sidi Larbi Cherkaoui, met wie Henderickx voor Requiem samenwerkte. Het Requiem van Gabriel Fauré geldt als uitgangspunt. Fauré orkestreerde zijn compositie op drie verschillende manieren. Henderickx versmolt deze drie verschillende bezettingen tot een instrumentatie voor sopraan, bas-bariton, gemengd koor, kinderkoor en een instrumentaal ensemble waaraan een harmonium en een qanun toevoegd werd. In zijn nieuwe versie, laat Henderickx Fauré’s oorspronkelijke melodieën en harmonieën vaak zo goed als onaangetast, en gaat hij niet verder dan het uitwerken van de timbrecombinaties en orkestratiemogelijkheden van zijn nieuwe bezetting. Maar bij momenten schuift hij geheel nieuwe passages tussen Fauré’s oorspronkelijke muziek. Deze maken gebruik van verschuivende klankwolken, kwarttonen, asymmetrische ritmiek en ‘extended’ speeltechnieken, en balanceren tussen het typische klankidioom van de Westerse kunstmuziek na 1950 en dat van het Midden-Oosten.

 

Werklijst

Solowerken: Ronddolen voor fagot solo (1987); Il Pendolo voor contrabas solo (1989); Maya voor klarinet solo (1990); The Call voor hoorn solo (1992); In deep silence I voor gitaar solo (1998); Saeta voor gitaar solo (2004); Raga III voor altviool en electronics (2010); On Haiku (The Four Seasons) voor sho (2015); Sacred Places I (Angel) voor percussie en electronics (2017)

Orkestwerken: Variations voor orkest (1988); Makyo voor marimba en strijkorkest (1990); Le Visione di Paura voor orkest (1990); Raga II voor orkest (1994); Raga III voor altviool en orkest (1995); An Evening Prayer voor orkest (2000); Four Pieces voor klarinet en strijkorkest (2007); Tejas (What does the sound of the universe look like?) voor groot orkest (2009); Symphony No.2 (AQUARIUS’ DREAM) voor orkest, sopraan, electronics (& lichtontwerp) (2016); Cello Concerto (Sangita) (2018)

Kamermuziek: Searching voor altviool en marimba (1986); Four Pieces voor klarinet en strijkkwartet (1990); Io voor koperkwintet (1991); Om voor strijkkwartet (1992); African Suite voor viool en percussie (1992); In Deep Silence II voor blokfluitkwartet (2002); Confrontations voor afrikaanse en westerse percussie (2003) Impressions on a Theme of Haydn voor strijkkwartet (2003); Searching voor viool en marimba, transcriptie van de versie voor altviool en marimba (2003); Bolomakoté voor percussie solo en vier percussionisten (2004); Io voor koperblazers en percussie, transcriptie van de versie voor koperkwintet (2004); The Seven Chakras voor strijkkwartet (2004); Alla Turca voor percussietrio (2006); Piano Trio (In Der Seidenen Stille…) (2012); Resonating Light (2013); Adana voor fluit, altviool, percussie en electronics (2016)

Vocaal: Dawn voor mezzosopraan, koor en ensemble (1992); Orpheus: toverzanger in de onderwereld voor kinderkoor en piano (2002); Crucifixus voor gemengd koor (2003); Only Darkness and Shadows voor sopraan en ensemble (2003); Lied Van De Meisjes/Song Of The Girls voor stem en accordeon (2006); Disappearing In Light voor mezzosopraan, altfluit, altviool en percussie (2008); Elusive Time voor sopraan en electronics (2013); Visioni ed Estasi voor gemengde koren en electronics (2015); Chansons Secretes voor sopraan, fluit, altviool en harp (2017)

Opera, muziektheater en dans: The Triumph of Spirit over Matter, opera op een libretto van Johan Thielemans (2000); Achilleus, opera voor jongeren op een libretto van Imme Dros (2002); Void (Sunyata) (2007); Atlantic Wall voor mezzosopraan, instrumentaal ensemble, video en electronics (2012); Requiem (2016); Antifoon (2017)

Een uitgebreide werklijst vindt u hier.

 

Bibliografie

–  P. AP SIÔN, Contemporary Composer: Wim Henderickx, op Gramophone, 6 januari 2016, laatst geraadpleegd op 5 september 2018, https://www.gramophone.co.uk/feature/contemporary-composer-wim-henderickx
– M. BEIRENS, Henderickx Wim: Le Visione di Paura (1990), in Contemporary Music in Flanders III. Flemish Symphonic Music since 1950, uitg. dr. M. DELAERE en J. COMPEERS, Leuven, 2006, p. 27-28
– M. BEIRENS, interview met Wim Henderickx over Sunyata en Void, in de brochure van music@venture, 2007, p. 24-25
– K. DALTAS, Buidling Bridges in Hasselt-Genk, in Classical Music, November 2014, p. 54-55
– M. DELAERE, Wim Henderickx, Jeroen D’Hoe en Serge Verstockt: dire Vlaamse componisten aan Nederlandse conservatoria, in Ons Erfdeel vol. 50 nr. 4, 2007, p. 145-14
– T. EELEN, Interculturele confrontaties. Nieuw werk van Wim Henderickx, in Contra nr. 3, 2003, p. 40-41
– A. FIUMARA, Wim Henderickx over Void en Confrontations, in de brochure van Operadagen Rotterdam, 2009
– Y. KNOCKAERT, Een tolk voor het Oosten. Vlaamse componisten: Wim Henderickx, in Kunst en Cultuur nr. 28, 1995, p. 32-33
– Y. KNOCKAERT, Wim Henderickx, in Nieuwe Muziek in Vlaanderen, 1997, p.130-132
– Y. KNOCKAERT, De klacht van het niet-gevondene, De componist Wim Henderickx, in Mens en Melodie, 53, 1998
– Y. KNOCKAERT, Wim Henderickx, Raga’s, cd-boekje, MDC 7833, 1999
– Y. KNOCKAERT, Grensverleggende kameropera, in Muntmagazine nr. 42, 2000
– Y. KNOCKAERT, Een gesprek met Wim Henderickx, niet gepubliceerd, juni 2005, laatst geraadpleegd op 6 september 2018, https://www.wimhenderickx.com/uploads/articles/Een%20gesprek%20met%20Wim%20Henderickx%20-%20Yves%20Knockaert%20-%20NL.pdf
– Y. KNOCKAERT, Medea, in Staalkaart nr. 10, 2011
– K. SNEYERS, Het Oosten in de composities van Wim Henderickx, Universiteit Gent, 2001
– J. VALKENBURG, Henderickx Wim: Triumph of Spirit and Matter (1999), in Contemporary Music in Flanders . Flemish Music Theatre since 1950, uitg. dr. M. DELAERE en V. VERSPEURT, Leuven, 2008, p. 36-37
– F. WILSON, Meet the Artist… … Wim Henderickx, composer, op The Cross-Eyed Pianist blog, 26 februari 2015, laatst geraadpleegd op 5 september 2018, https://crosseyedpianist.com/2015/02/26/meet-the-artist-wim-henderickx-composer/
– K. WRIGHT, September’s new music, op Classical Music, 1 september 2016, laatst geraadpleegd op 5 september 2018, https://www.rhinegold.co.uk/classical_music/septembers-new-music/#
– S.N., Hedendaagse componisten Wim Henderickx, in Portici Magazine editie 3, 2016, p. 128-134

 

Discografie

– Tomorrow Shall Be My Dancing Day (vocale en instrumentale ensembles Lemmensinstituut o.l.v. Kurt Bikkembergs), EUROPESE KERSTLIEDEREN UIT OOST EN WEST, Het Madrigaal, Lentekerk 15, 1991
– 2 Nocturnes (Jan Raes, Koen Kessels), IN FLANDERS’ FIELDS VOL. 9:  BELGIAN MUSIC FOR FLUTE AND PIANO, Phaedra 92009, 1995
– The Narciss Club, HEY STRANGER (THE SOUNDTRACK), Tempo Soundtracks LC0542, 1995
– Ronddolen, Droombeelden (Francis Pollet, Joris Van den Hauwe, Jan Michiels), WORKS FOR BASSOON DEDICATED TO FRANCIS POLLET, I Solisti del Vento ISdV 96-01, 1996
– African Suite (Guido de Neve, Patrick De Smet), NIEUWE MUZIEK IN VLAANDEREN, Radio 3 R3 98007, 1998
– WIM HENDERICKX: RAGAS I-III (The Royal Philharmonic Orchestra of Flanders o.l.v. Grant Llewellyn), Megadisc MDC 7833, 1999
– Mysterium (I Solisiti del Vento), WORKS DEDICATED TO I SOLISTI DEL VENTO, I Solisti del Vento, ISdV 99-01, 1999
– 2 Nocturnes (Arco Baleno), IDENTITIES, René Gailly 87 169, 2000
– Dawn (Michael Scheck, Noëlle Schepens), COMPOSITIEKLAS WILLEM KERSTERS, Koninklijk Vlaams Conservatorium Antwerpen KVC 2000.001, 2000
– TRIUMPH OF SPIRIT OVER MATTER (Elena Ferrari, Robin Adams, Eberhard Lorenz, Werner Van Mechelen, Wilfired Van de Brande en Prometheus Ensemble, o.l.v. Etienne Siebens), Radio Klara, 2000
– Skriet, JUNIORENORKEST VAN JEUGD EN MUZIEK ANTWERPEN, Jeugd en Muziek Vlaanderen JOA01, 2001
– Triumph Of Spirit Over Matter (Prometheus Ensemble), VIERKANT MUZIEK 2001, De Brakke Grond f8468, 2001
– Droombeelden (Joris Van de Hauwe, Francis Pollet, Jan Michiels), MEESTERLIJK – HOUTBLAZERS, Koninklijk Vlaams Conservatorium Antwerpen KVCA 2002, 2002
– Mysterium (L’Ensemble de la SMCQ, o.l.V. Walter Boudreau), LES LAUREATS PRIX QUEBEC – FLANDRE (1988-2003), ATMA-Classique ACD 2 2281, 2003
– CONFRONTATIONS, (Adama Dramé, Gert François), Zuiderpershuis 3099, 2004
– Raga III (Leo De Neve, The Royal Flemish Philharmonic o.l.v. Grant Llewellyn), MEESTERLIJK- STRIJKERS, Koninklijk Vlaams COnservatorium Antwerpen, KVCA 2204, 2004
– Saeta (Stefan Gaelens), CONTEPORARY MUSIC FROM FLANDERS – COMPOSERS AT THE LEMMENSINSTITUUT, Muziekcentrum Vlaanderen 2005 01, 2005
– Saeta, In Deep Silence I (Raphaëlla Smits), IN DEEP SILENCE, Accent ACC 24177, 2006
– BART MOEYAERT OLEK SCHOOT EEN BEER (solisten van Brussels Philharmonic), Querido, 2006
– Het Lied Van De Meisjes, PRINSEN EN PRINSESSEN, Virgin Classics, EMI Classics, Klara 50999 5208862 9, 2008
– Canzone, KONINGIN ELISABETH WEDSTRIJD SINGING 2008 (Isabelle Druet), 2008
– IO, FROM IO TO DANDI (Belgian Brass), Beriato Music CMS 004, 2008
– IO, Circus Suite (Houthandel Antwerpen), KICKING SAWDUST, eigen beheer, 2010
– In Deep Silence III (Bl!NDMAN strings), SPOREN ’11’, 2010
– The Seven Chakras, AMSEL QUARTET LIVE @DE TOONZAAL, AR009, 2011
– On The Road, WIM VAN HASSELT ON THE ROAD, Channel Classics 31811, 2011
– Disappearing In Light, Raga III, The Four Elements, DISAPPEARING IN LIGHT (HERMESensemble o.l.v. Wim Henderickx), eigen beheer, 2011
– TEJAS AND OTHER ORCHESTRAL WORKS (Royal Flemish Philharmonic, o.l.v. Martyn Brabbins), Royal Flemish Philharmonic RFP 003, 2011
– African Suite, SAX&STIX NEW AMSTERDAM, Rm Records 190394007553, 2015
– Resonating Light, Mysterium, Ronddolen, Droombeelden (I Solisti del Vento o.l.v. Wim Henderickx), WIM HENDERICKX – FREDERIK NEYRINCK, I Solisti Records ISR06357, 2013
– Il Pendolo (David Desimpelaere), REFLECTIONS ON A SONG, Phaedra 92079, 2013
– TRYPTICH (HERMESensemble o.l.v. Wim Henderickx), eigen beheer, 2014
– AT THE EDGE OF THE WORLD (The Royal Flemish Philharmonic, o.l.v. Martyn Brabbins en Edo de Waart), Royal Flemish Philharmonic RFP 011, 2016

 

Uitgever

Norsk Musikforlag

 

Links

Compositiestage SoundMine
Muziektheater Transparant
Antwerp Symphony Orchestra
HERMESensemble

 

 

©MATRIX
Teksten van Jan Vandenhouwe, Klaas Coulembier en Anna Vermeulen
Laatste aanpassingen: 2018

Schrijf je in op onze nieuwsbrief en blijf op de hoogte!